De Wandeluitrusting:


Schoenen:

Schoenen zijn voor wandelaars het belangrijkste onderdeel van de uitrusting. Niet iets om op te bezuinigen dus. Goed schoeisel helpt voetproblemen en andere blessures te voorkomen. Maar wat zijn nu precies goede schoenen? Het spreekt voor zich dat het antwoord op deze vraag per individu verschilt. Wel zijn er enkele algemene aandachtspunten die kunnen helpen bij de aankoop van uw wandelschoenen:

  • Ga naar een goede schoenenzaak of outdoorwinkel, deskundige mensen kunnen u goed adviseren.
  • Draag uw wandelsokken als u schoenen past. Pas schoenen niet vroeg op de dag. Later op de dag zijn uw voeten wat dikker en dat worden ze ook tijdens het wandelen. Pas de schoenen staande en pas beiden schoenen. De grootte van uw voeten kan immers verschillen. De schoenen moeten goed om uw voeten sluiten. Voor uw tenen is circa één centimeter vrije ruimte nodig. Kies schoenen met een stevige hielkap. Dat betekent dat het nauwelijks mogelijjk is om de hielkap met uw duim in te drukken. Een stevige hielkap geeft stabiliteit en voorkomt verzwikking.

Wandelkleding:

Een pet of een hoed is in de zomer erg prettig. De klep van je pet kun je naar achter draaien om je nek tegen zonnebrand te beschermen of naar voren om ontspannen tegen de zon in te kunnen kijken. 

Ook sokken zijn erg belangrijk. Het beste zijn wollen, badstof of katoenen sokken. Zonder naden of stoffen en niet te grof. In sportwinkels zijn speciale wandelsokken te koop. Goede sokken helpen zweetvoeten en blaren voorkomen. 

Eten en drinken:

Neem altijd water mee en iets te eten. Al ben je van plan om niet meer dan een uurtje te gaan wandelen. Zorg dat je altijd op z'n minst biscuits of iets dergelijks bij je hebt. De wandeling kan langer duren dan gepland en zoeken naar de juiste route met een rammelende maag en slappe knieën is niet prettig. 

Water is belangrijk omdat je meer vocht verliest tijdens een wandeling dan je denkt. Vooral bij warm weer is een zoutbevattende drank aan te raden.

Neem onderweg geen alcoholhoudende drank mee.  Drink regelmatig. Wanneer je dorst hebt ben je eigenlijk te laat.

Algemene tip:

Probeer blaren te voorkomen. Een veelgebruikte methode is: iedere dag na het douchen je voeten afspoelen met koud water. De huid wordt zodoende gehard en je krijgt minder snel blaren. Het dagelijks inwrijven met kamferspiritus wil ook helpen om zweetvoeten te voorkomen en een andere veelgebruikte remedie is het vooraf inwrijven van de voeten met talkpoeder of speciale voetpoeder.


Opwarmen: Ga nooit te snel van start. Loop eerst een rustig tempo en geeft de spieren de gelegenheid warm te worden. 

Let op je houding. Het is belangrijk dat je ontspannen rechtop loopt. Plaats de voeten recht naar voren en wikkel je voeten goed af. Laat je armen ontspannen meegaan met het wandeltempo.

Wanneer je op een zandpad of verharde weg loopt, loop dan afwisselend links en rechts van de weg. Het wegdek loopt iets bol voor de afwatering en je voeten staan dus iets scheef. Door afwisselend links en rechts te lopen voorkom je pijnlijke voeten. 


Training:

Als je een wandelvierdaagse wilt lopen, bereid je dan goed voor. Er zijn mensen die de wandelvierdaagse van Nijmegen lopen zonder enige voorbereiding, maar dit is niet aan te bevelen. Wanneer je goed getraind bent, is een wandelvierdaagse goed te doen. Juist omdat je zo goed getraind bent loop je de afstand met veel plezier. 

Het meest voor de hand liggende vorm van wandeltraining is: vaak wandelen. Doe dat bij voorkeur iedere week, maar toch minimaal één of twee keer per maand. Het is belangrijk om deze wandelingen langzaam op te bouwen.


De organisatie van de Vierdaagse in Nijmegen publiceert op haar website een trainingsschema als voorbereiding. Het is niet voor niets. dat dat schema een periode van zes maanden beslaat. Zolang heeft een lichaam nodig om goed gewend te raken aan dagafstanden van 30, 40 of 50 kilometer. De achterliggende gedachte is dat u eens in de twee weken een wandeling maakt met de streefafstanden in de tabel. De tussenliggende weekenden loopt u in principe dezelfde afstand, maar past u deze waar nodig is aan. 

Uiteraard zijn er ook andere schema's mogelijk. Heel simpel is de optie om met de 5 kilometer te beginnen en iedere week de afstand met 1 of 2 kilometer te verlengen. Ook in dat geval heeft u zeker vijf maanden nodig om te wennen aan een dagafstand van 40 kilometer. Nog beter is het om de wekelijkse training aan te vullen met een midweekse training van 1 a 2 uur. Zo raakt uw lichaam nog beter gewend aan het wandelen, worden trainingen minder vermoeiend en daardoor des te prettiger.

Daarna is het belangrijk om te blijven wandelen. Dit kunt u uiteraard bij ons komen doen! Voor meer informatie verwijzen wij u door naar het tabblad contact.

Inlogformulier